Is de belofte van het kleinschalig wonen waargemaakt ?

66F1E128-BACC-438D-830B-76424850AE28

Vijf jaar kleinschalig wonen ‘t Anker Tongeren: een evaluatie

Meer dan woorden spreken beelden… onze videorapportage naar aanleiding van 5 jaar ’t Anker (klik) – december 2017 (de video opent automatisch zonder inlog)

Binnen onze vzw werd in 2012 besloten om, naast de klassieke woon- en zorgcentra, in te zetten op ‘kleinschalige woonvormen’ voor personen met dementie. Er waren  bij de aanvang heel wat vragen inzake zorgconcept, haalbaarheid  en rendabiliteit.    De keuze voor  kleinschalig wonen was echter wel een consequente uitvoering van onze zorgvisie. In het RESPECT zorgkader staat de letter R voor ‘ruimtelijk ervaren’ waarmede o.a. wordt gewezen op het belang van ‘ruimtelijke omgevingsinvloeden’.  Het is voor de verwarde geest doorgaans minder stressvol om zich te oriënteren in een overzichtelijke kleinschalige biotoop waar hij meer controle heeft. Kleinschalige woonvormen waren/zijn een soort tegenreactie op het sterk geïnstitutionaliseerde rusthuismodel door de nadruk te leggen op een zestal criteria:

  1. Een bewoner blijft in voor- en tegenspoed bewoner in de woonvorm
  2. Er wordt een gewoon huishouden gevoerd
  3. De bewoner heeft de regie over de inrichting van zijn dagelijks leven
  4. Het personeel is onderdeel van het huishouden
  5. Bewoners vormen met elkaar een groep
  6. Een kleinschalige woonvorm is gevestigd in een archetypisch huis

Kleinschalige woonvormen blijven in Vlaanderen nog altijd een grote uitzondering: er zijn slechts een handvol initiatieven (naast de meer dan 800 klassieke woonzorgcentra). ’t Anker Tongeren telt vandaag drie huisjes waar telkenmale zeven bewoners samenleven.

Aan de hand van enkele van boven geschetste criteria maken wij nu een evaluatie op van 5 jaar ’t Anker Tongeren. 

Een bewoner blijft in voor- en tegenspoed bewoner. Bij de opening van ’t Anker in 2012  woonden er voornamelijk personen met een licht  tot matig dementiebeeld. De voorbije jaren steeg  de zorgbehoevendheid sterk, wat een extra druk legt op het team. Wij blijven echter geloven dat, ook bij intensieve verzorging of in een terminale fase, de bewoners best in ‘t Anker verblijven.

Het is belangrijk om juist in deze kwetsbare periode continuïteit te verzekeren in begeleiders en in de omgeving. De bewoners blijven dus in het kleinschalig wonen totdat zij overlijden. Een onvermijdelijk gevolg van deze keuze is dat in ’t Anker bewoners verblijven met uiteenlopende behoeften. Dit is een aandachtspunt: redenerend vanuit de bewoners zouden we ons kunnen voorstellen dat personen met lichtere vormen van dementie moeite hebben om samen te wonen met personen die meer verzonken zijn. In de realiteit blijkt dit geen probleem te stellen, omdat de bewoner zich ook kan terugplooien in zijn eigen kamer. Verrassend is trouwens het draagvlak binnen team en bij familie om in palliatieve situaties de bewoner  te blijven betrekken in het groepsleven.

Er wordt een gewoon huishouden gevoerd: het principe van normalisatie. Eén van de basisprincipes van het kleinschalig wonen  is de ‘normalisatie’: het gewone leven wordt als uitgangspunt genomen. Er is m.a.w. minder structurering rond diensten. Exemplarisch zijn de maaltijden. Bij de opstart twijfelden wij eraan of koken een haalbaar perspectief was want er is slechts één zorgverlener die samen met de bewoners een maaltijd klaarmaakt. Vandaag kunnen wij stellen dat deze activiteit de voormiddag deels structureert en herkenbaar maakt. Op deze wijze reiken wij ‘zin’ aan bij de bewoners, hoe beperkt hun bijdrage aan het geheel ook is.  De betrokkenheid van de bewoners is zowel actief (beperkte akten bij de voorbereiding) als passief (aanwezigheid rond het gebeuren, geursensatie, …).

Quality of life (welbevinden). Op dit vlak geeft kwalitatief onderzoek een genuanceerd antwoord. De inrichting van de woonomgeving, de omgang van het personeel en een goede daginvulling dragen bij aan een gevoel van geborgenheid en veiligheid.  Op deze wijze ervaren personen met dementie een hogere kwaliteit van leven.  Vanuit een dagelijkse reflectie kunnen wij één en ander onderschrijven: in ’t Anker heerst er een aangename sfeer, alles lijkt gemoedelijk te verlopen (al zijn er hectische momenten), bewoners zijn meer betrokken op hun omgeving, het samen leven in de living genereert socialiteit (naast conflictmomenten), familieleden zijn meer aanwezig, bewoners nemen meer deel aan activiteiten van het dagelijkse leven (actief of passief), het eigen dagritme wordt beter gerespecteerd, …

Onze ervaring is dat het kleinschalig wonen ongetwijfeld een antwoord biedt op de noodzaak van een ‘minder prikkelrijke woonomgeving’ maar dat er ook grenzen zijn. Zo is het kleinschalig wonen voor personen met sterke dwaalneiging geen goed antwoord. Ook in een kleinschalig wonen speelt ‘sociale dichtheid’, zeker voor personen met een frontotemporale dementie die erg gevoelig zijn voor elke verandering.  Intrigerend is de groepsdynamiek zoals ‘het zwart schaap’ of ‘iemand die het leiderschap opneemt van de groep’.   Kortom, ook kleinschalige zorgvoorzieningen zijn complexe sociale omgevingen waar relaties en interacties van groot belang zijn (en voortdurend fluctueren). Dit alles vereist een grote soepelheid van de bewoners juist op een ogenblik dat hun cognitieve mogelijkheden hiertoe sterk tanen.

En het personeel ?

Onderzoek wijst uit dat zorgverleners in kleinschalige woonvormen een hogere jobtevredenheid ervaren omdat zij meer controle, minder eisen en meer sociale steun van hun collega’s ervaren. Dit laatste aspect is eerder verrassend omdat de kansen op ontmoeting in een kleinschalige woonvorm eerder beperkt zijn. De kwaliteit van het contact blijkt belangrijker te zijn dan de kwantiteit.  Ook het ervaren van minder eisen ligt niet direct in de lijn van de verwachting omdat  zorgverleners er dikwijls alleen voor staan. Een mogelijke verklaring kan zijn dat deze woonvormen echter veel minder geïnstitutionaliseerd zijn en dus minder regels kennen.

Medewerkers die werken in kleinschalige woonvormen zijn over het algemeen positiever over hun werk,  er zijn tegenstrijdige onderzoeksresultaten over de mate waarin emotionele uitputting ontstaat.  In ’t Anker hebben wij eenzelfde ervaring. De “kracht” van ’t Anker is zonder twijfel een “sterk team”. Exemplarisch zijn de festiviteiten rond het 5 jarig bestaan (inclusief video) die spontaan  door het team werden opgenomen.  Er zijn natuurlijk ook aandachtspunten zoals het ‘invullen van vrije momenten met zinvolle activiteiten’, ‘de organisatorische kwetsbaarheid bij ziekte van het personeel’, ‘het alleen werken, zeker als men flexibel moet inspelen op samenvallende gebeurtenissen’. Positief is dat er geen afstanden zijn: de kamers zijn rond de living gebouwd waardoor er nauwelijks logistiek verlies is.

5 jaar na de opening maken wij een positief bilan op. ’t Anker Tongeren, waar in 3 huisjes telkenmale 7 bewoners mogen samenleven, is niet meer weg te denken in onze werking. Op deze wijze kunnen wij beter inspelen op de diverse behoeften van onze bewoners met dementie: een grote meerderheid ervaart een substantiële meerwaarde in deze woonvorm, anderen hebben meer baat bij een klassiek woonzorgcentrum.  Deze evaluatie heeft ons doen besluiten om ook op de campus Eyckendael te Riemst hetzelfde kleinschalig concept te realiseren (opening 2019).



Categorieën:Jongdementie, Tongeren, Vzw

Tags:

2 replies

  1. Sjiek. Mooie tussenstap voor jongdementie.
    Meer autonomie en controle voor personeel geeft meer voldoening en dus ook inzet. Heel sjiek.

    Like

  2. Deze video nopens het 5 jarig bestaan is hartverwarmend, een pracht om te bekijken en beluisteren; en toont op eenvoudige wijze het schitterend resultaat dat in ‘Het Anker’ dag na dag wordt verwezenlijkt. Een prachtige wijze om het jaar 2017 af te sluiten. Voorwaar een heel grote proficiat aan al de medewerkers van ‘Het Anker’ voor hun tomeloze inzet voor de bewoners (gekwetste mensen). . . maar ook aan de Directie voor het nemen van dit initiatief. Zij verdienen ten volle de waardering en erkentelijkheid van al de bewoners en hun families . . . maar ook van het bestuur en de samenleving als geheel. Voorwaar een voorbeeld van dienstbaarheid. Het moge u allen – bewoners, families en medewerkers – goed gaan in 2018!
    Vanwege: I. Temmerman

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: